Hernia of lumbaal radiculair syndroom

Inleiding

Een hernia (Hernia Nuclei Pulposi [HNP]) is een uitstulping van de tussenwervelschijf. Deze uitstulping kan op een zenuw of op het ruggenmerg drukken, waardoor pijnklachten kunnen ontstaan, of uitvalsverschijnselen (zoals verlammingen en/of gevoelsverlies).

De lumbale wervelkolom (onderrug) bestaat uit vijf wervels (L1-L5). Het staartbeen wat onder de lumbale wervels ligt noemen we Sacrum en als we over de overgang van de onderrug naar Sacrum/staartbeen spreken noemen we dit L5-S1. Binnen in het lumbale wervelkanaal loopt van boven naar beneden het ruggenmerg. Hier uit ontspringen de zenuwwortels. Deze plaats ligt dicht bij de tussenwervelschijf. Als zich op die plek een uitstulping van de tussenwervelschijf ontwikkelt kan dat aanleiding geven tot beklemming van de zenuwwortel wat pijnklachten in het been kan opleveren. De meest voorkomende hernia's liggen tussen de 4e en de 5e (L4-L5) en tussen de overgang van onderrug naar sacrum(L5-S1)

Klachten en symptomen

De verschijnselen van de hernia bestaan meestal uit schietende/ stekende pijn in het been of in de bil soms met een doof of prikkelend gevoel. Krachtsvermindering in de voet en of been kunnen ook voorkomen. Lang zitten, staan, bukken en omdraaien in bed zijn bekende klachten van mensen met deze klachten.

Behandeling

De behandeling van een hernia of lumbaal radiculair syndroom kan bestaan uit een operatieve ingreep of een conservatief beleid. De operatieve ingreep spreekt voor zich en het conservatieve beleid bestaat uit een combinatie van fysiotherapie, huisartsenzorg/advies en indien nodig medicatie tegen de pijn. De fysiotherapeutische behandeling is met name gericht op het herstellen van een normaal bewegend functioneren binnen de mogelijkheden van dat moment. Uw fysiotherapeut heeft ook een belangrijke adviserende en coachende rol in dit proces. Samen komen jullie tot een passend behandelplan en zal er indien nodig contact zijn met de huisarts.

Lage rugklachten

Inleiding

Lage rugklachten behoren in Nederland tot een van de meest voorkomende klachten. Ongeveer tachtig procent van de Nederlanders heeft wel eens last gehad van lage rugklachten. In de meeste gevallen gaat de pijn binnen drie maanden over. Duren de klachten langer dan spreekt men over chronische lage rugklachten. De meeste lage rugklachten hebben geen specifieke oorzaak en worden niet veroorzaakt door een ziekte of beschadiging en worden daarom ook wel aspecifieke lage rugklachten genoemd. Onder deze noemer vallen ook de onderstaande benamingen voor aspecifieke lage rugpijn.

- Lumbago; pijn- en stijfheidsklachten in het onderste gedeelte van de rug Spit; pijn- en stijfheidsklachten zijn in het onderste gedeelte van de rug met eventueel uitstraling naar de billen en liezen. Soms is er ook sprake van uitstraling in de bovenbenen.
- Ischias; pijnklachten in het verloop van de nervus ischiadicus, een zenuw die door het been loopt.
- Versleten tussenwervelschijven en/of artrose. Een versleten tussenwervelschijf is op zich wel een medische diagnose. Echter uit onderzoek is gebleken dat een groot percentage van de mensen boven de dertig versleten tussenwervelschijven en/of artrose heeft. Slechts een klein percentage rapporteert echter pijnklachten in dat gebied. De diagnose levert dus niet per definitie pijn- en stijfheidsklachten op. Rugpijn heeft een goede prognose dat wil zeggen: de kans is groot dat de klachten verdwijnen.

Oorzaken

Waar lage rugpijn vandaan komt is bij de meeste mensen lastig aan te geven. Zelfs bij erge lage rugpijn is er meestal toch geen sprake van een ziekte of blijvende schade. Zeker is dat rugpijn bij de meeste mensen te maken heeft met de spieren, banden en gewrichten in de rug. Deze werken dan even nier zoals zou moeten. Ze zijn simpel gezegd even uit vorm.

Klachten en symptomen

Pijn in de onderrug soms met uitstraling naar de bil en of bovenbeen. U ervaart soms het onvermogen om soepel te kunnen bewegen en te kunnen bukken. De spieren in uw rug verkrampen waardoor u beperkt bent in uw dagelijkse activiteiten.

Behandeling

De behandeling voor rugklachten is met name gericht op het geven van informatie en adviezen, oefenen en bewegen van de rug. Samen met uw fysiotherapeut maakt u een plan hoe u weer zo snel mogelijk op een verantwoorden manier uw werkzaamheden en of beperkte sport activiteiten kunt hervatten en wat u er zelf aankunt doen. Zie ook de KNGF folder over rugpijn en lees de adviezen en andere informatie.

Scoliose

Inleiding

Een scoliose is een zijdelingse kromming van de rug waardoor er één of soms 2 bochten in de wervelkolom ontstaan.

Oorzaken

Scoliose is soms al bij de geboorte aanwezig, maar openbaart zich meestal tijdens de groei van baby naar volwassene, vaak rond de leeftijd van tien jaar. De oorzaak kan liggen in afwijkingen van het bot, de zenuwen, de spieren of het bindweefsel. In 80% van de gevallen is de oorzaak van een scoliose die onstaat tijdens de groei echter onbekend. Een scoliose kan ook pas op latere leeftijd ontstaan. Vaak is dit een gevolg van het verouderingsproces.

Klachten en symptomen

Scoliose geeft een bewegingsbeperking van de wervelkolom. Op latere leeftijd kan scoliose ook leiden tot pijn en vermoeidheidsklachten. Scoliose kan door de ontstane beperkingen en de zichtbare scheefstand een grote impact hebben op het dagelijks leven en de sociaal-maatschappelijke ontwikkeling van een individu en zijn/haar omgeving.

Behandeling

Hoe eerder een scoliose wordt ontdekt, des te beter kan het resultaat van de behandeling zijn. De behandeling is er in de eerste plaats op gericht verdere verkromming van de wervelkolom tot stilstand te brengen door middel van de fysiotherapeutische behandeling. Indien de scoliose daartoe aanleiding geeft dient een ingrijpende operatie plaats te vinden waarbij de wervelkolom met schroeven en staven wordt gecorrigeerd en gefixeerd. Bij de jongere patiënten met een scoliose is houding-s en bewegingstherapie zinvol en wordt er samen met de fysiotherapeut een plan gemaakt om dat de nodige periode te realiseren.

Stenose

Inleiding

Een wervelkanaalstenose is een aandoening waarbij het wervelkanaal vernauwd is waardoor het ruggenmerg en zenuwen in verdrukking komen.

Oorzaken

- Veroudering
- Hernia( mediale HNP)
- Osteoperose
- Tumor

Klachten en symptomen

Meestal is er sprake van pijn in beide benen, vaak optredend of verergerend bij lopen. De klachten lijken daardoor op die welke ontstaan bij een vaatvernauwing aan de benen (z.g. etalageziekte). Bij lopen treedt pijn op, soms ook een doof gevoel en/of krachtsvermindering. In rust, vooral in wat gebukte houding, hurkend of zittend, verdwijnt de pijn dan weer vrij snel. Dit komt omdat bij lopen de kromming in de wervelkolom (de lordose) wat toeneemt en de ruimte afneemt. Bij bukken of hurken wordt de vernauwing juist weer wat minder. Patiënten met een stenose kunnen daarom ook vaak wel goed fietsen.

Behandeling

Voor de behandeling van een stenose is een operatie nodig. Na de operatie wordt de patiënt verder behandeld door de fysiotherapeut. Deze doet oefeningen om de rug weer belastbaar te maken en de patiënt weer op de benen te krijgen. In het algemeen is het ontslag na een week, waarna de fysiotherapie thuis wordt voortgezet en vervolgens in de praktijk wordt vervolgd. Afhankelijk van uw wensen en doelen wordt er een behandelplan opgesteld wat past bij uw activiteiten niveau.

 

 

Deel deze pagina: